Claire van Hagen, moeder van Lauren

Wat is er aan de hand?

Lauren bleek kort na haar geboorte een hersenbloeding te hebben. Ze werd geopereerd en behandeld in het Wilhelmina Kinderziekenhuis (WKZ) in Utrecht en na 3 maanden mocht ze met ons naar huis. De specialisten lieten weten dat we rekening moesten houden met schade aan de hersenen waaraan ze met zekerheid een motorische beperking zou overhouden. Ze kreeg fysiotherapie aan huis en werd regelmatig getest in het Maxima Medisch Centrum (MMC).

Toen Lauren ongeveer 2 jaar was, werden we doorgestuurd voor een brede screening naar de kinderrevalidatiearts van Libra R&A locatie Blixembosch. Al die tijd misten we eigenlijk iemand die overzicht had over het geheel aan testen en behandelingen van Lauren. Die vonden we uiteindelijk bij Blixembosch. We wilden het allerbeste voor ons kind en alle mogelijkheden benutten zodat Lauren zich zo goed mogelijk kon ontplooien. Maar als ouders heb je geen idee wat voor mogelijkheden er zijn en waar je deze ‘gebundeld’ kunt vinden.

Spelenderwijs ontwikkelen bij Pinokkio

De revalidatiearts en het multidisciplinaire team (dat bestaat uit een pedagogisch medewerker, een fysiotherapeut, een ergotherapeut en een logopedist) hebben er alles aan gedaan om het uiterste uit de ontwikkelingsmogelijkheden van Lauren te halen. En dat deden ze op zo’n speelse en kindvriendelijke manier dat Lauren nog niet eens in de gaten had dat ze getest werd of therapie had. Bijvoorbeeld in de ontwikkelingsgroep Pinokkio op Blixembosch, een unieke speelgroep voor kinderen van 1,5 tot 4 jaar, met in ieder geval een motorische beperking. Naast een motorische beperking of achterstand kunnen er zorgen zijn op het gebied van de verstandelijke ontwikkeling of spraaktaalontwikkeling. Ook kan er sprake zijn van bijkomende aandoeningen. 

Stralend er naartoe

Wat is dat een goede zet geweest. Ons kind is 1,5 jaar lang 2 dagdelen per week stralend naar de groep gegaan. Ze leerde andere kinderen kennen en de therapeuten betrokken ons als ouders bij de therapie. Tot in details lieten ze ons de vorderingen van Lauren zien en gaven ons tips hoe we haar thuis verder konden begeleiden. Ook heeft ze meegedaan aan de ‘Ridders- en prinsessengroep’. Een groep voor kinderen met Cerebrale Parese (CP). In deze groep stimuleren de fysio’s en de ergo’s de kinderen op een speelse manier het gebruik van hun aangedane arm.

Door het enthousiasme van de therapeuten gaat iedereen als vanzelfsprekend meedoen. Dat is echt zo leuk en zo effectief.

Lotgenoten

In de wachtkamer kwam ik andere ouders tegen van kinderen met problemen. Ik had zo’n behoefte om eens te praten met ‘lotgenoten’. Over mijn zorgen over de toekomst van ons kind en over het verdriet dat ons kind niet ‘gewoon’ is. Je begrijpt elkaar meteen en dat is zó waardevol.

Achteraf vind ik het jammer dat ze niet eerder gestart is op Blixembosch. Dan krijgen zowel ouders als het kind meteen de allerbeste begeleiding en heeft het kind de beste kansen. 

Nu verder

En nu gaat ze verder, Lauren, naar speciaal onderwijs, want ze is 4 geworden. De volgende stap is nu met de taxi naar school. Loslaten dus … zoals alle ouders. Maar we worden niet aan ons lot overgelaten. Lauren komt nog 2 x per jaar terug in de meetcarrousel van Blixembosch. Zo kunnen we haar ontwikkeling mooi volgen en daar zijn we dankbaar voor.